Papa had gisteravond uit voorzorg het voorscherm voor de tent gehangen en dat bleek geen overbodige luxe. Vanochtend vroeg begon het al voorzichtig te regenen en we kropen pas laat ons bed uit. Het bestellen van brood was er gisteren bij in geschoten dus het was even zoeken naar wat eetbaars voor het ontbijt, gelukkig hadden we nog een verrassingspakket met “cereals” waar Luus en Kilian zo om hadden gevraagd. Met gezonde tegenzin zaten papa en mama even later dan ook aan de mierzoete “Honey Loops” en “Chocapic” terwijl Luus en Kilian zich vol overgave op de Caramel en Chocolade cornflakes stortten. Om de zoetigheid te compenseren vonden we onderin de koelbox gelukkig ook nog een doos eieren die op crackers gekookt en wel de weg naar binnen vonden.

Na wat sportieve ongelukjes, de bal van Kilian was meegedreven met de naburige rivier en de badmintonrackets waren ook gesneuveld in het heetst van de strijd, hadden we onze zinnen gezet op de Decathlon in Scionzier, een plaatsje op een klein half uur ten noordwesten van Chamonix. Op de weg er naar toe bleken de zoete ontbijtgranen niet afdoende te zijn geweest en we vonden snel een parkeerplek bij een markthal met daarin ook een Boulangerie. Luus, Kilian en papa kozen voor croissantjes en brownies, mama koos zonder enige aarzeling voor een tartiflette fraise die er ook wel erg lekker uitzag.

Volgende stop was de Decathlon waar inderdaad nieuwe badmintonrackets, zonnebrillen, rugzakken voor het nieuwe schooljaar en een nieuwe bal voor Kilian werden gevonden. Bij de Carrefour in Sallanches kochten we makkelijk eten in de vorm van worstjes, rouwkost en tabouleh. Een en ander werd weggespoeld met Genepi-bier, een lokaal bier waar we de eerste keer behoorlijk aan moesten wennen maar waar wat inmiddels tot onze favorieten behoort.

Een lekker groen biertje

Laat in de avond helaas weer erg veel geluidsoverlast van onze Franse achterburen, die toen we om half twaalf maar eens gingen vragen of het wat zachter kon braaf ja knikten maar vervolgens op dezelfde toon verder gingen…  Zelfs Luus had er behoorljk last van, Kilian sliep er gelukkig dwars doorheen.

Ondaks dat er vanwege het voorspelde mooie weer nog wel wat plannen waren geweest waren we het er vanochtend allemaal over eens dat een dagje dobberen in het meer datgene was waar we de meeste behoefte aan hadden. De opblaas-eenhoorn en alpaca lagen alweer een aantal dagen weg te kwijnen en het lauwe water van het meer lonkte nadrukkelijk. Luus en Kilian verzorgden weer de broodjesservice en na het ontbijt pakten we op ons gemakje alle spullen in en maakten we ons klaar voor een laatste toiletbezoek. het sanitair op de camping is eigenlijk het grootste nadeel en doet nog het meest denken aan de romeinen waarbij het een sociaal gebeuren was. De schoenen van de buurman of buurvrouw in de naburige hokjes zijn duidelijk zichtbaar en een paar oordoppen zou ook heel welkom zijn….

Waar we toen we net aankwamen altijd naarstig op zoek gingen naar een schaduwplek aan de oever is het nu al zover afgekoeld dat een plek in de zon ook wel aangenaam is. Ondanks dat het zondag was bleek het met de drukte erg mee te vallen en we gooiden onze handdoeken neer aan de voet van een hoge boom. Na een uurtje zwemmen en luieren bleken ook Baukje en Jet, twee meiden uit Soest waar Luus en Kilian al mee hadden gespeeld, aan het meer te liggen.

Dobberen op Lac de Passy

De kinderen doken met z’n vieren het water in en papa en mama raakten in gesprek met hun ouders. Na een hoop geklets, nog wat waterpret en de verplichte patatjes voor de lunch slenterden we weer richting tent om de boodschappen voor het avondeten te doen (pasta, tomatensaus, gebakken champignons en geraspte kaas). De twee meiden kwamen voor het eten nog even spelen en nodigden Luus en Kilian uit om na het eten een film te komen kijken bij hun in het huisje, papa en mama werden uitgenodigd om een borrel te komen drinken.

Tablettijd voor Lucia en Baukje

Kilian en Jet

Zo gezegd zo gedaan, Luus en Kilian zaten achter De Grote Vriendelijke Reus terwijl pape en mama een biertje dronken en gezellig zaten te kletsen. Na afloop wilden we nog even in het donker naar het meer lopen vanwege de vallende sterrenregen maar vooral Kilian wilde zijn slaapzak in. Tussen de bomen door wisten we er toch nog een paar te spotten en terug bij de tent bleken de omringende buren weer druk en luid in gesprek. Ook onze nieuwe Spaanse buren presteerden het nog om ’s nachts na twaalf uur doodleuk met de autodueren te slaan…. We denken nog wel eens met weemoed aan het Franse gezin met vier kinderen dat naast ons stond…

Morgen en overmorgen waarschijnlijk regen dus dat wordt in dat geval een bezoekje aan de Decathlon.

Lucia en Kilian zorgden vanochtend voor het eerst zelfstandig voor de broodjesservice en kwamen netjes met de bestelde baguette en corissantjes aan. Het had tot vrij vroeg in de ochtend nog geregend maar we waren allang blij dat we geen noodweer hadden gehad zoals sommige gebieden om ons heen.

Wakker worden in de tent

Vanwege de nattigheid besloten we om binnen in de tent te ontbijten en daarna werden de rugzakken snel ingepakt. Papa had een doel gevonden in de Le Brevent gondel boven Chamonix, een tweetrapstraject dat bestond uit de Telecabine Planpraz, kleine gondels die iedereen naar 1800 meter brengen en verolgens de Le Brevent Gondel die nog eens ruim 400 meter hoger eindigt.

Om 11 uur reden we weg van de camping en na een klein half uur reden we het mondaine Chamonx weer binnen om vrij vlot een plek in de parkeergarage te vinden. De regenwolken van voorgaande dag en nacht waren nog nadrukkelijk aanwezig en het was ons ook al opgevallen dat de top van de Brevent nog in wolken was gehuld. Heel netjes werden we hiervoor ook bij de kassa gewaarschuwd: “brouillard!”. Na een kort overleg  besloten we de waarswhuwing te negeren omdat er hele lichte plekken in de bewolking ontstonden en we het gevoel hadden dat dit wel eens kon doorzetten. Ruim 100 Euro lichter lieten we ons naar boven takelen en inderdaad gleden we al snel een compleet grijze wereld in. Na de tweede gondel stapten we in dezelfde omstandigheden uit om te constateren dat het welliswaar rustig was maar dat we toch zeker niet de enigen waren die de “tocht” hadden gewaagd.

In de Telecabine Planpraz

De bevestiging dat we de juiste beslissing hadden genomen duurde niet lang en na ongeveer een kwartier staken de besneeuwde toppen aan de overkant van de vallei voorzichtig hun hoofd uit de wolken. Iedereen die boven aanwezig was ging snel op zoek naar de beste fotoplek en binnen een minuut namen de wolken het weer over, een schouwpel dat zich steeds herhaalde en voor hele mooie doorkijkjes zorgde. Tijdens zo’n gat in de bewolking hadden we aan de andere kant van de berg in de diepte een meer zien liggen en ondanks een wat stroeve start van Luus en Kilian besloten we met z’n allen om daar naar toe te lopen. Zo goed en zo kwaad als het ging daalden we af van de top om te zien dat de bewoling zoch steeds verder terug trok. Het meer dat we tot doel hadden gesteld bleek toch wat te ver weg te zijn en na iets meer dan een uur afdalen zochten we een plek bij een paar piepkleine meertjes om daar wat te gaan eten. Tijdens deze lunch ontdekte mama met het blote oog in de verte een berggeit die op de rand van een graat lag te luieren. Een blik met onze verrekijker bevestigde dat het inderdaad om een berggeit ging en dat hij op dat moment ook ons nadrukkelijk aan het bestuderen was. Papa probeerde nog snel even op deze graat te komen om te kijken wat er aan de andere kant lag maar werd tegengehouden door een diepe kloof, het werd tijd om weer terug te gaan.

Wegdrijvende wolken

Aiguille du Midi

Onderweg

Poseren bij een hele grote steenman

Mama wijst naar de exacte lokatie van de nieuwsgierige berggeit

Op de terugweg namen Luus en Kilian de leiding en liepen tot verbazig van papa en mama in een noodtempo omhoog, alleen nog tegengehouden door een Japanner die vroeg hoe oud Kilian was en zo onder de indruk was van het antwoord dat hij een foto van hem nam, compleet met bergschoenen, bergstok en pet. Op de top aangekomen namen we gondel naar beneden, namen op het tussenliggende Planpraz station nog wat foto’s van het Mont Blanc-massief en begonnen aan de terugweg naar Chamonix.

Uitzicht op Chamonix en het Mont Blanc massief vanaf Planpraz

Op de terugweg werd nog snel de Joue Club speelgoedwinkel bezocht waar het laatste vakantiegeld werd uitgegeven (Schleich paardjes en een skateboard) en de Carrefour om inkopen te doen voor de ultieme camping maaltijd: pasta met tonijn, doperwten en mayonaise.

Om zeven uur zaten we elkaar vanochtend verdwaasd aan te kijken. Ons schema is zo opgeschoven dat we elke ochtend om half negen pas op gang komen en wakker worden omdat het moet viel niet mee. Zeker ook niet voor papa die ’s nachts een paar keer was wakker gemaakt door Kilian omdat hij was verdwaald in zijn dekens en in het donker de weg in zijn bed niet meer kon vinden.

Na een fluisterstil ontbijt zaten we keurig om kwart voor acht in de auto, op weg naar Le Fayet waar de Tramway du Mont Blanc zijn startpunt heeft. Dit tandradtreintje rijdt in een uur tijd van 500 meter naar het eindpunt op ruim 2300 meter, Nid d’Aigle. Onderweg is er een supermooi uitzicht op de Mont Blanc en met name zijn buurman, de Aiguille de Bionssay. Bij aankomst in Le Fayet was het al behoorlijk druk en het gezelschap was zeer divers, van japanners op gympies tot en met serieuze klimmers die zich omhoog lieten rijden om vervolgens naar de Refuge de Tete Rousse te wandelen, de laatste hut van waaruit de Mont Blanc wordt beklommen. Wij voegden ons naadloos in dit gezelschap en vonden een mooie plek in de trein.

Luus en Kilian waren maar matig enthousiast en waren blij toen we na een uur het eindpunt bereikten en de merkbaar ijlere lucht instapten. We vervolgden te voet de route naar de Glacier de Bionassay, de gletscher die zich een weg naar beneden baant vanaf de flanken van de gelijknamige vierduizender. We kwamen behoorlijk dichtbij maar merkten tegelijkertijd dat de bewolking vanuit het dal behoorlijk toe begon te nemen en dat het beneden ons al was begonnen met regenen, tot zover de betrouwbaarheid van het weerbericht…

Het stationnetje van de Tramway du Mont Blanc

In de trein

 

Na een snelle kop koffie in de berghut kropen we weer in de trein naar beneden en door het weer en een boze bui van Luus besloten we om geen tussenstops meer te maken en meteen helemaal af te dalen. De rest van de middag werd besteed aan boodschappen doen en plannen maken voor de komende dagen. Pas aan het begin van de avond stopte het met regenen.

Na een rustige nacht een een standaard campingontbijt met croissantjes, stokbrood, Port Salut kaas en bramenjam van de lokale jam-boer, begonnen we weer eens met het verzamelen van de wandelspullen. Om ons plan waarbij we om de dag op pad gaan in ere te houden werden de bergschoenen, wandelstokken en -kaart en lunch verzameld en om half elf reden we de camping af op weg naar Chamonix.

Het uitzoeken van een geschikte wandeling valt door de aanhoudende hitte niet mee, we moeten het of serieus hogerop zoeken of een wat lagere wandeling met veel beschutting. Dankzij het internet waren we uitgekomen bij een wandeling in de laatste categorie, een korte maar best pittige klim vanuit het dal naar de Cascade du Dard. Het pad naar deze waterval liep vrijwel in z’n geheel door een dicht bos met loof- en naaldbomen en langs een rivier, ideaal recept voor het verdrijven van de hitte dus.

Tijdens onze rit kregen we nog de schrik van ons leven toen er op een 70-kilometer weg opeens een hond vanuit de struiken de weg op liep. We raakten hem behoorlijk en hoewel papa vrij snel de auto uit was, was de hond nergens meer te vinden. Na 10 minuten zoeken raapte papa het nummerbord maar van de weg dat er vanaf was gesprongen en vervolgden we onze weg. Het was ontsettend druk, enerzijds door de file voor de Mon Blanc tunnel waar we nog een straatje van meepikten en anderzijds door de dagjesmensen die massaal Chamonix in wilden rijden. Wonder boven wonder vonden we een gratis parkeerplek op vijftig meter afstand van het begin van de wandeling en na goed insmeren slingerde papa de rugzak op en begonnen we aan de klim.

Luus en Kilian hadden ondanks het mooie en beschutte pad met enige regelmaat wat aansporing nodig maar uiteindelijk schoten we lekker op. We werden vergezeld door de snelstromende rivier en mooie doorkijkjes op de gletscher van het Plateau des Pyramides en de Mont Blanc en Aiguille de Bionassay. Na ongeveer een uur kwamen we aan bij de waterval, waar ook een berghutje bleek te zijn. Met het gebulder van de waterval en af en toe wat koele nevel in ons gezicht zochten we een plek in de schaduw voor onze stokbroodjes met kaas en worst.

Pad langs de rivier met zicht op de Aiguille de Bionassay

Poseren bij de Cascade du Dard

Omdat een rondje lopen altijd leuker is dan dezelfde weg terug besloten papa en mama om nog een klein stukje verder te klimmen en daarna een alternatieve route naar beneden te nemen. De kaart leek helaas niet helemaal accuraat want de spltsing van de alternatieve route bleef uit. Toen de protesten van Luus en Kilian wel heel hevig werden nam papa nog even een sprint bergop in de hoop de afdaling te vinden, maar helaas. Toch dezelfde route naar beneden dus waarbij we bij het berghutje bij de waterval, waar we toch weer langskwamen, vier ijskoude glazen Orangina bestelden. Kilian moest voor een grote boodschap naar de WC en keek z’n ogen uit toen het een “droge WC” bleek te zijn. Geen water om door te trekken dus maar een grote bak met geurende houtsnippers waarmee je je boodschap moest afdekken. Luus kreeg spontaan ook aandrang toen ze het verhaal van Kilian hoorde…

Berghut bij de Cascade

Uitzicht op de kabelbaan van de Aiguille du Midi

Beneden aangekomen boodschappen gedaan in Chamonix en rond half vijf kwamen we weer aan op de camping. Het avond eten bestond uit pasta met tomatensaus, gebakken champignons en een salade. Als toetje nog een naar de receptie van de camping geslenterd voor een ijsje. Morgen weer “lekker” warm!

Na het onstuimige weer van gisteren stonden we op onder een blauwe hemel en een camping die stond te dampen in de zon. Alle nattigeheid van gisteren was in een noodtempo aan het verdampen en het was merkbaar een paar graden afgekoeld.

Na twee dagen camping stonden we te trappelen (vooral papa) om de omgeving te gaan verkennen en we kozen unaniem Lac Vert als doel, een meertje dat we maanden geleden thuis op de computer al hadden ontdekt. Voordeel was dat je er dichtbij kon komen met de auto en dat het wandelpad grotendeels in de schaduw lag. De rit er naar toe liep langs een groot aantal haarspeldbochten maar Luus en Kilian gaven geen krimp en na een half uur rrijden parkeerden we de auto bij Chalet de la Reserve, een punt waar een hoop deltavliegers en parapenters hun sprong de diepte in waagden.

Gewapend met wandelstokken en petjes begonnen we aan het vrij saaie asfaltpad waar gelukkig vrij snel een smal bospad als alternatief was. Na een minuut of twintig kwamen we aan bij het meer dat echt prachtig bleek te zijn. Dit feit was overduidelijk bij meer mensen bekend want aan de oever was het een komen en gaan van wandelaars, vissers en andere mensen die de koelte en rust opzochten. We wandelden het meer rond en kozen er voor om op het terras van het naburige restaurant koffie, Orangina en crepes sucre te bestellen. Hierna vervolgden we de wandeling om uiteindelijk weer terug te keren bij het meertje waar we de meegebrachte stokbrood, kaas en chorizo soldaat maakten.

Het restant van de middag gebruikten we om de gebruikelijke boodschappen te doen en langs de speelgoedwinkel te rijden. de temperatuur in het dal was inmiddels al weer opgelopen tot zo’n 35 graden en we waren terug op de camping zielsgelukkig met de schaduw bij de tent. Luus en Kilian hadden het goed met hun speelmaatjes en mama stortte zich met gezonde en begrijpelijke tegenzin op het wassen van al onze handdoeken (vies geworden door de opspattende regen…

De dag begon vanochtend weer om half negen en het was meteen al weer volop zomer, in de schaduw van de bomen prima uit te houden maar in de zon drukkend warm. De croissantjes en het stokbrood smaakten weer prima en na het ontbijt begonnen we met het maken van wat plannen voor de komende dagen, geholpen door de stapel folders die we bij de camping hadden gehaald. Luus en Kilian hadden contact gemaakt met een paar Nederlandse broers en waren druk aan het voetballen en badmintonnen.

Door de warmte en het feit dat Luus en Kilian het zo naar hun zin hadden kwamen we eigenlijk verder aan niets toe. Wel hadden we het plan om aan het einde van de dag, na de ergste hitte, een waterval in de burt op te zoeken om daar te picknicken. Verder was het een beetje rommelen rond de tent, broodje eten en de laatste klusjes. Halverwege de middag sprongen we met z’n vieren in de auto richting de Decathlon (extra rotsharingen) en de Carrefour (boodschappen voor de picknick). Buiten was het inmiddels drukkend warm en we waren blij met de koelte in de winkels. Bij de Decathlon scoorden we nog een simpele verrekijker en de boodschappen bestonden uit tabouleh, koude pastasalade en fougasse, de Franse variant van focaccia).

Terwijl we in de auto zaten vielen er opeens dikke druppels regen naar beneden en op de camping aangekomen bleek het in de tent ingeregend te zijn. Nadat alles droog was gingen papa en Kilian douchen, de camping heeft geen gras maar vooral rots en zand waardoor onze benen en voeten letterlijk zwart waren. Mama en Luus volgden later en terwijl zij nog onder de douche stonden barstte het los. Bakken met regen, onweer en dikke hagelstenen kwamen naar beneden en de camping veranderde in een rivier. Toen papa en Kilian na een half uur in de auto sprongen om de meiden op te halen bleken ze zich al in het noodweer te hebben gestort en met z’n viertjes trokken we ons terug in de tent.

Schuilen in de tent

Het eten dat was bestemd voor de picknick bleek ideaal omdat er van koken geen sprake was. Over de luidsprekers van de camping werd omgeroepen dat mensen die een plek voor de nacht nodig hadden in de recreatieruimte konden slapen. Alle met al omstandigheden die bij Luus en Kilian voor wat traantjes zorgden. Onze tent bleek het noodweer makkelijk aan te kunnen en na een paar uur keerde de rust terug. We kropen wat vroeger dan normaal ons bed in, de weersverwachting voor de komende dagen voorspelt temperaturen ver boven de 30 graden…

Het ritme zat er meten goed in vanochtend en pas om half negen lag iedereen elkaar aan te kijken. De tweede helft van de nacht bleek toch wat frisser te zijn en papa had om vier uur alle slaapzakken opengeritsten neergelegd, verder was het super geweest om weer in de tent te slapen.

De camping had de optie om broodjes te bestellen voor de ochtend en we hadden gisteren dan ook vier croissantjes en vier harde broodjes besteld, dat dachten we tenminste. Mama en Lucia keken wat vreemd op toen papa en Kilian terugkeerden met inderdaad vier croissantjes en daarnaast vier volledige baguettes. De buren konden we er meteen blij maken met eentje. Na het ontbijt stonden Luus en Kilian bijna letterlijk te trappelen om het meer in te duiken met hun opblaasbeesten, het enige wat in de weg stond was het opblazen en dat bleek een flinke klus in de inmiddels al lekker opgelopen temperatuur.

Aan het meer

Lucia op haar eenhoorn

Dobberen met uitzicht

Om half 11 kwamen we dan toch bij het meer aan en er was nog vrij veel ruimte op de grasvelden. We vonden al snel een plekje in de schaduw van een grote boom en toen was het tijd voor de doop van de Regenboog-Eenhoorn (Lucia) en Alpaca (Kilian). Het meer was heerlijk koel en onder toeziend oog van het Mont-Blanc massief doken we er allemaal in. Na een uur of twee was het tijd voor de lunch in de schaduw bij onze tent en natuurlijk stond er baguette op het menu.

Het einde van de middag gebruikten we om onze voorraad aan te vullen bij de Carrefour in Sallanches, een heerlijk koele en echt typische Franse supermarche waarbij eigenlijk alleen de bassins met krabben en afdeling met versie vis ontbraken. De zee is dan ook best wel ver weg hier…

Het avondeten was het menu van gisteren, tortellini en harricots verts en verder kon Kilian geen genoeg krijgen van het tennissen. Er zijn vandaag tenminste twee shuttles en een bal over het hek verdwenen waarbij we er maar eentje konden redden van het snelstromende riviertje aan de andere kant.

 

Met recht de beste nacht ooit in een hotel, dat was onze conclusie nadat we om half acht ’s ochtends wakker werden. De airco had ons lekker koel gehouden en ondanks de drukte in het hotel was het ook nog eens lekker stil geweest. Het ontbijt was eenvoudig maar lekker en met wat croissantjes, stokbrood met kaas, chocoladecornflakes en koffie voelden we ons meteen thuis in Frankrijk.

Omdat we een relatief korte dag hadden met iets meer dan 300 kilometer maakten we geen haast en rond half 10 reden we richting de Autoroute Blanche. Net zoals gisteren was het heerlijk rustig en om even na twee uur reden we in de smorende hitte Camping les Iles op. Met open mond bekeken we het uitzicht op het Mont Blanc massief dat in de middagzon lag te glinsteren.

De receptie bleek helaas nog dicht te zijn tot drie uur en in de tijd die overbleef gingen we op zoek naar een plekje op de camping. Dat bleek gelukkig een superidee want de camping had voor ons een plekje in gedachte waar alleen onze auto zou passen. Na wat moeilijke blikken bleek onze voorkeursplek geen probleem te zijn en na wat strubbelingen met het opzetten van de tent hadden we ons basiskamp wel zo’n beetje ingericht. Met een week lang meer dan 30 graden voor de boeg hadden we gekozen voor een plek tussen 4 bomen waar we eigenlijk de hele dag schaduw hadden.

 

De avond werd vooral gebruikt om het vochttekort aan te vullen en aangezien niemand zin had om te koken (met als eindresultaat afwas) zochten we het terras van de camping op voor pizza. Rond half elf kropen we met z’n vieren ons bed in, alleen voorzien van een lakentje omdat de warmte bepaald nog niet weg was.

Na een vermoeiende maar uiterst gesmeerd lopende inpaksessie maakte de wekker ons vanochtend om 5 uur wakker. Het altijd leuke moment om Luus en Kilian wakker te maken liep zoals verwacht en ze sprongen superblij uit bed bij het horen van het woord vakantie, bijna onmiddelijk startklaar. Snel een broodje en wat drinken, de laatste klusjes in huis en nog wat zaken inpakken en even na 6 uur lieten we Warmenhuizen achter ons.

Waar Bretagne ons altijd langs Antwerpen en Brussel stuurde hadden we nu de kans om voor een andere route te kiezen en met de vervelende E19 in ons hoofd was de keus voor Maastricht-Luik-Luxemburg snel gemaakt. De enige onzekere factor was de drukte op de weg maar van enige drukte bleek geen sprake. Sterker nog, zonder enige vorm van file reden we naar ons hotel in Dijon, het Ibis Saint Appolinaire. We waren zielsgelukkig toen er airco bleek te zijn aangezien de temperatuur buiten tot ruim boven de 30 graden was gestegen.

Het avondeten werd gekocht bij de lokale Mcdonalds en om half tien doken we allemaal ons bed in.